"ABRACADABRA"

[ home]

[ texte français ]

Schilderijen van Marcel Berlanger
24/04 - 06/06/2004

Il Fantasma dell'Academia

ABRACADABRADe Academia Belgica di Roma is in een staat van metamorfose. De kelders – waar een indrukwekkend geheugen van onze cultuur bewaard wordt – zijn reeds grondig aangepakt, opgepoetst, uitgeklaard. Binnen twee jaar moet het gebouw er na een grondige opknapbeurt als nieuw uitzien. Even stralend als tijdens die zonnige 8ste mei van het jaar 1939, toen de eerste intellectuele en artistieke Belgische ambassade in het buitenland, onder het voorzitterschap van de prins en de prinses van Piémont en in aanwezigheid van ministers, academici en studenten feestelijk werd ingewijd.

Wie of wat is het Spook van de Academia, en zal het Spook de restauratie overleven? Nu waart het vooral rond in de oude leidingen van het gebouw, van waaruit het af en toe trillend of fluitend de bewoners tart en de onderzoekers in de bibliotheek uit hun concentratie haalt. Het zou ook kunnen dat, wanneer in de conferentiezaal de lichten gedoofd worden en de laatste de deur achter zich sluit, het Spook opdoemt uit de zestiende-eeuwse Brusselse tapijten, waarop memorabele gebeurtenissen uit het Romeinse verleden afgebeeld staan. Zullen de tapijten, waarvan kleuren en figuren in de loop der eeuwen vervaagd, soms zelfs verdwenen zijn, bij deze gelegenheid opnieuw gerestaureerd worden, en hun geheimen prijsgeven? Of zal het Spook eerder verschijnen in de statige inkomhal, of in de vestibule, waar de blinkend-zwarte, witgeaderde marmerplaten gespiegeld naast elkaar aangebracht zijn, waardoor de aders en vlekken bij het vallen van de schemering soms figuren lijken te vormen? En wat tenslotte te denken van het mysterieuze, sierlijke ornament dat ramen en deuren tooit, waarin we zowel een uiterst gestileerde bloem als de letter 'M' menen te herkennen, maar waarvan oorsprong en betekenis, als van het restant van een oeroude beschaving, ons ontsnappen?

Marcel Berlanger (°B, 1965) bespeelt in zijn schilderijen de verschijning en de kracht – de magie – van het beeld. Hij gaat daarbij echter allerminst te rade bij occulte krachten. Zijn magie is integendeel bijzonder materieel en transparant. Berlanger onderzoekt de wetmatigheden en processen die een beeld laten verschijnen. Hij laat die in zijn schilderijen ook zien, hij toont ons zijn 'trucs', en toch blijven zijn beelden ons het zoete geluk van de illusie en de magie van de verschijning verschaffen. Hoe doet hij dat? Precies door ons het inzicht te bezorgen in de inwendige structuur van zijn beelden – een 'analyse' waarbij het beeld aanvankelijk oplost en verdwijnt – laat hij ons de verschijning van het beeld, als het ware van binnen uit en op het moment van de waarneming zelf, telkens opnieuw ervaren. Deze schilderijen vormen een soort spiegels, waarin we zien hoe we kijken, hoe een beeld ontstaat en hoe dit beeld betekenissen krijgt. Zo reveleren ze ons iets over de werking van de waarneming, het geheugen en de verbeelding, en over de oorsprong en de ontwikkeling van taal en beeld, van kunst en wetenschap. Misschien zijn ze zelfs in staat nu en dan een glimp van het Spook van de Academia op te vangen.

Frank Maes